vrijdag 11 oktober 2019

foto's deel een

Op onze eerste camping:
 

De nijlpaardenbekrots:


The wave rock:

Iedereen deed daar van die surfbewegingen voor een foto dus vroeg ik de kinderen om dat ook eens te doen en ze deden dat natuurlijk met alle plezier:


Uitzicht outback van bovenop:

Ook bovenop:

Een rotsbewoner:
 
 
Wilde bloemen: (allee denk ik - ik weet er niks van behalve dat je in de lente veel wilde bloemen kunt vinden)



Water bijtanken:

Onderweg in de outback een openluchttractormuseum:


Onderweg pret in een speeltuin:


 

woensdag 9 oktober 2019

Rottnest Island

- Gaan jullie naar Perth? Dan doen jullie ook Rottnest Island, toch?
- Oh, als jullie naar Perth gaan, moet je Rottnest Island zeker doen.
- Rottnest Island staat toch op jullie planning?

Kortom, volgens de Aussies kan je niet in de buurt van Perth komen zonder Rottnest Island te bezoeken. Het is the place to be.
Rottnest Island is een eiland - zowat 11km lang - waar quokka's zijn en toeristen en verder niets. Quokka's zijn kleine buideldieren die uniek zijn voor de streek en die MOET je dus ook op Rottnest Island gezien hebben.
(En het heet Rottnest Island vanwege de Hollanders vroeger die op ontdekking kwamen en dachten dat het ratten waren. Rattennest.)

Ik had van te voren een ferry geboekt, want je vaart dus naar dat eiland. Het duurt ongeveer drie kwartier.
Alles staat er in het teken van toerisme. Er zijn geleide wandelingen, cruises rondom het eiland, je kunt skydiven, met een Segway rondgaan, fietsen huren, et cetera et cetera. Niemand woont er, maar het staat er wel vol vakantiehuisjes.
Onze ferry zat propvol en aangekomen op Rottnest Island was het druk. Er was een hop on hop off bus en dat leek ons prettig om te doen want dan kun je het hele eiland zien. We waren niet de enigen die dit dachten en toen ik kaartjes wilde kopen, werd ik al gewaarschuwd dat de bus heel vol zou zitten en dat we eigenlijk beter zouden fietsen. Nu kan Joachim nog niet fietsen en stoeltjes hadden ze niet, dus het was niet echt een optie (bovendien bleek dat eiland nogal heuvelachtig dus ik weet niet of Benjamin zijn beentjes het gekund zouden hebben).
We kochten broodjes als picknick en gingen dan maar op de bus wachten. Het was een lange rij van mensen en we eindigden als sardienen in een blik.

De chauffeur vertelde bij elke halte wat er te zien was, maar niemand durfde uitstappen. Inderdaad werden veel mensen geweigerd die bij de halte stonden te wachten gewoon omdat de bus propvol was.
Normaal passeert elk half uur een hop on hop off bus, maar omdat die dus vol kan zitten, sta je misschien een uur of zelfs langer te wachten. Niemand had daar zin in.
Veel was er ook niet te doen bij zo een halte. Een scheepswrak dat je in het water kon zien liggen. Een vuurtoren. Een moeras.
Tja, daar kun je wel een half uur mee vullen, maar geen anderhalf.

Uiteindelijk stapten we dan uit helemaal aan de westkant van het eiland, daar leek iets meer te doen. We aten onze picknick (nauwlettend in het oog gehouden door meeuwen) en op een gezegend moment kwamen er mensen enthousiast vertellen dat er een walvis passeerde.
Het is de tijd van het jaar voor migrerende walvissen en je kunt vanuit in deze streek ook whale watch cruises doen tijdens deze maanden. We gingen snel mee kijken en inderdaad: walvis!!
Blijft toch heel bijzonder om te zien…

Bij deze halte was er een uitkijkpunt voor walvissen/dolfijnen en een ander uitkijkpunt voor zeeleeuwen. Beestjes genoeg dus!!

Daarna gingen we terug naar de bushalte samen met nog een aantal hoopvolle mensen. We moesten een hele tijd wachten op een bus die vervolgens bijna vol was. De chauffeur haalde echter een schoenlepel boven en kon toch nog iedereen naar binnen proppen.
Nope, het is echt een mottig systeem.
We besloten de voorlaatste halte uit te stappen en dan een wandeling te volgen naar de beginhalte. Tenslotte hadden we tijd. We dronken voor de wandeling nog een milkshake op een terrasje, de kinderen renden rond in een speeltuin en intussen ontmoetten we dan terug quokka's.

Ga je ooit naar Rottnest Island, wees gerust. Je hoeft geen quokka's te gaan zoeken, ze komen zo naar je toe.
Overal hangen dan borden en waarschuwingen dat je niet met de beestjes mag interageren, ze niet aaien, ze zeker niet voederen. Er staan zware geldstraffen op en alles. Die borden hebben duidelijk niet zoveel effect. De quokka's zijn totaal niet schuchter en komen gewoon om voedsel vragen. Als ze het niet krijgen, duiken ze in je rugzak.
Hebben we dus quokka's gezien? Ja, massa's. Maar niet 'echt' in het wild, enkel de 'tamme' exemplaren die rond mensen hangen.

De wandeling die we gevonden hadden was echter wel fijn. Ze liep langs de kust met het kristalheldere water, veel plezierbootjes en heel wat zonnekloppers. Veel mensen waren aan het snorkelen en dat leek inderdaad de moeite.

Terug aan ons vertrekpunt wilden we nog wat eten, maar iets fatsoenlijks hebben we niet gevonden. Gelukkig vinden kinderen ongezonde troep niet zo erg.
Daarna gingen we terug de ferry op richting Freemantle. Onderweg stopte de ferry nog want - walvissen!! Er passeerden meerdere exemplaren, tof om te zien!!
Met de bus terug naar de camping, douchen en bed in.

Dus is Rottnest Island de commotie waard? Bwoa… Het is een mooi eiland en de kustlijn is heel fotogeniek, maar de massa toeristen maakt het minder interessant. Op een drukke dag is de hop on hop off bus zeker geen optie. Je weet nooit of je er wel bij kunt en de laatste bus vertrekt al om 15u. Je kunt beter je benen insmeren en een eind fietsen of wandelen. Op rustige dagen is het waarschijnlijk beter te doen, maar dan nog. Behalve de bedelende quokka's en zandstranden is er niet zoveel te beleven.

Deze nacht is weeral onze laatste in ons rijdend huisje!
Morgen inpakken, de motorhome terug in orde maken en afleveren (en ik wed dat we hem beter terugbrengen dan we hem gekregen hebben) en dan naar het vliegveld.
Intussen staat Adelaide op zomeruur dus we reizen nog meer in de tijd dan bij onze aankomst (hier in WA verzetten ze de klok niet).
Nog een paar daagjes thuis vakantie en dan is het definitief uit met de pret. Tot het zomerverlof. :D




dinsdag 8 oktober 2019

van Yanchep naar Freemantle

De camping van Yanchep National Park was er een van basics en beestjes. Geen muggen, wel vliegen (hoewel in doenbare aantallen) en vooral heel erg veel millipedes. Er was heel snugger een gespikkelde vloer gelegd bij de toiletten zodat je in eerste instantie niet eens kon zien dat je talloze millipedes aan het verpletteren was. Ik was blij dat we onze eigen douche hadden en ook onze eigen afwasbak. Er was een kleine keuken waar je kon afwassen, maar een bak had bruin water waarin onbekende substanties dreven en daar ging ik mijn hand nu eens niet insteken op zoek naar de stop - de andere bak zat vol millipedes.

Hoort bij het kampeerleven zeker? Gelukkig waren er ook meerdere kangoeroes aan het grazen.

Als eerste gingen we een wandeling doen daar in het park. Ze hadden een speciale boardwalk tussen de eucalyptusbomen waar je koala's kon spotten.
Ze deden het uitschijnen alsof die boardwalk lekker hoog was waardoor je de koala's beter kon zien, maar niets was minder waar. Het was gewoon een metertje boven de grond en de koala's zelf zaten hoog als altijd.
Het was maar een korte wandeling en nadien reden we terug verder.

Onze volgende bestemming was Freemantle, een oud stadje waar we een oude gevangenis zouden bezichtigen. Zouden - want we kregen onze motorhome nergens geplaceerd.
Plaats genoeg op de parkings en ook parkings genoeg in de stad, maar de helft was overdekt en de andere helft had helemaal NIKS voorzien voor grote voertuigen. Onvoorstelbaar. We deden een paar rondjes, maar het enige wat we vonden waren plaatsen waar je maar beperkte tijd mocht staan en dus geen optie. Vloeken, maar weinig aan te doen.

We reden naar onze camping aan de rand van Freemantle en besloten dan maar naar het strand te gaan. In principe konden we wel de bus nemen terug richting centrum, maar het was een warme dag en de kinderen waren op z'n zachtst gezegd onhandelbaar en ik zag het niet zitten om ze in een hete bus te steken.
We trokken dus de zwemspullen aan en wandelden naar het strand, een paar honderd meter verder. Er was een gewoon zandstrand, maar duidelijk populair bij honden en hun eigenaars, dus er liepen wel erg veel viervoeters vrij rond. Buiten hier en daar een niet opgevoed exemplaar hadden we er echter geen last van. De kinderen renden in en uit de oceaan, bouwden een zandkasteel, zochten zeewier en schelpen en amuseerden zich rot.
Om een of andere reden geven zand en zee toch altijd een instant vakantiegevoel… :-)




maandag 7 oktober 2019

van Perth naar Yanchep

Vandaag lieten we de motorhome nog eens kilometers vreten en reden we naar het Noorden via de Indian Ocean Road. Het duurde wel even voor we de oceaan konden zien, maar verder was het een vlotte weg om over te rijden.
We stopten aan een slaperig kuststadje om boodschappen te doen bij een lokale supermarkt. We waren nog maar net onze mand aan het inladen toen een van de eigenaars zich kwam excuseren omdat de eftos niet werkte en dat we helaas met cash moesten betalen. Even later hoorden we haar tegen iemand anders zeggen dat de eftos in heel het dorp niet meer marcheerde. Yup, we waren duidelijk niet meer in Perth.

Het was mooi om te zien hoe de vegetatie kilometer na kilometer veranderde. Eerst hoge bomen. Nadien vooral struiken. Verder dan gras met slechts hier en daar een struik. Dan kwamen er zandduinen. Heel bijzonder. Half vergane kangoeroes langs de kant van de weg. Mooi.

Tegen de middag waren we op onze bestemming: de Pinnacle Desert. Een echte Aussie woestijn met bijzondere rotsen.
Ik heb maar een foto met mijn telefoon getrokken en die is eigenlijk niet zo super. Op fatsoenlijke foto's blijft het dus langer wachten. :-P
De rotsen zijn fossiele overblijfselen van bomen, als ik de uitleg goed begrepen heb. Nu wordt het woestijnzand weggeblazen en komen ze stilaan aan de oppervlakte.



Er is een route van 4km doorheen het park met parkeerplaatsen waar je kunt uitstappen en rondkijken. Helaas bleek deze niet geschikt voor motorhomes. Wij moesten op de algemene parking blijven staan en de wandeling doen (1,7km). Ik was aanvankelijk wat teleurgesteld, maar het zou een mooie wandeling blijken.
We aten eerst een boterhammetje en daarna gingen we dan het park verkennen. Eerste halte: het souvenirswinkeltje van het visitor centre om te kijken of ze hoeden met vliegengaas hadden! Want jongens, er zaten weer vliegen, vliegen, vliegen. (echt vliegen, geen muggen) En om een of andere reden willen die beesten altijd op je gezicht gaan zitten en dat is echt wreed irritant.
Er was nog keuze tussen zwart vliegengaas en donkergroen vliegengaas dus iedereen koos iets naar zijn eigen modevoorkeuren en zo kwamen we buiten met elk een net om onze kop. (foto volgt…!)

Het bleek toch een goeie beslissing want die beesten zaten echt overal en op je armen/benen zijn ze toch al minder vervelend dan in je neus. Andere mensen behielpen zich met sjaals, mondmaskers of continu wapperende handen.
We vonden de start van de wandeling en ik vond het al zo zielig dat we op de beton moesten blijven, maar dat duurde gelukkig niet lang. De beton stopte en we werden afgezet in de woestijn. Nu moesten we paaltjes zoeken en volgen! Er stond natuurlijk een hele uitleg dat je 3 liter water per persoon moest meenemen, iemand verwittigen waar je was, nooit van een paaltje mocht weggaan als je het volgende paaltje nog niet gespot had, etc etc. Ze namen het serieus hoor! De mensen van het visitor centre hadden duidelijk geen goesting om weer eens een verdwaalde toerist te gaan opsnorren.
De kinderen vonden het reuzespannend!
Zo liepen we toch maar eens echt door een Aussie woestijn met echt rood Aussie woestijnzand tussen de bijzondere pinnacles. Het weer was perfect; warm woestijnweer, maar een frisse bries uit de oceaan.
De kinderen vonden met plezier alle paaltjes en tussendoor trokken we nog bergen foto's. Tijdens het eerste deel van de wandeling waren er best nog wat andere toeristen, maar verderop werd het heel kalm. Plots sprak een jongeman ons aan: "He, ik kan jullie accent niet thuisbrengen. Waar komen jullie vandaan??"
Hij bleek dus ook een Belg te zijn! Een jonge gast die aan het rondtrekken was en nog geen een andere Belg had gevonden, haha. Hij kwam van een dorpje vlakbij Gent. "Oh, Gent ligt naast Arendonk," zei Jonathan snugger. Die rekent al in Aussie afstanden.

Het valt me nu trouwens op dat de kinderen onderling heel veel Engels spreken, zeker als Wouter of ik niet in de buurt zijn, bijvoorbeeld als we aan het rijden zijn. Dan horen we hen achter ons in het Engels kwebbelen of ruziemaken. Het taalbad Nederlands lukt maar half.

Na onze wandeling kochten we nog een ijsje en dat aten we dan op in de motorhome, vliegenvrij.
Daarna deden we de Indian Ocean Road deels terug in de andere richting, naar Yanchep National Park.
Hier zijn we nu eens zonder problemen geraakt en ons plaatsje was mooi gereserveerd. Het zit hier stikvol kangoeroes en naar het schijnt ook koala's. Hopelijk houden die zich stil vannacht!




zaterdag 5 oktober 2019

van Madurah naar Perth

We hadden best een rustige nacht, helemaal niet overdreven winderig. Nog een klein beetje gedruppel in de ochtend, maar nadien werd het een mooie en zonnige dag.

We reden een klein stukje terug, op zoek naar een deel van het nationaal park dat hopelijk wel bereikbaar was en waar we thrombolieten konden bewonderen. Nu kan ik niet heel goed uitleggen wat thrombolieten zijn want ik weet het zelf niet helemaal zeker. Ze zien eruit als ronde stenen, maar eigenlijk zijn het een soort communes van micro-organismen. Of zoiets. Het zou redelijk bijzonder zijn, dus dan rijden we er maar heen.
De thrombolieten waren in ieder geval vlot bereikbaar, of toch de parking die erbij hoorde. Er was geen andere auto in het zicht, maar wel heel, heel, heel, heel veel vliegjes. Kleine vliegjes deze keer, niet van de grote. We zaten er even op te kijken en besloten dan toch maar doorheen de vliegjes te gaan wandelen. Terwijl wij onze spullen pakten, stopte een andere auto, twee mensen stapten uit en nog voor ze goed en wel weg waren, sprongen ze alweer terug in hun auto. Hm. Slecht voorteken.
We waren klaar voor onze tocht en baanden ons een weg doorheen de vliegjes. We stonden even te kijken bij het plannetje van het park, toen Wouter plots uitriep: "Iek, je benen hangen vol beesten! Het zijn geen vliegen - het zijn MUGGEN!"

Dus wij als een gek al die beesten van ons afslaan en gillend terugrennen naar de motorhome. Hahaha! Dat hadden jullie moeten zien - we struikelden over elkaar heen in een poging zo snel mogelijk terug binnen te zijn!

Wat een rotbeesten ook. En zoveel! Niet normaal. Echt heel de parking was een grote zwerm en over het wandelpad hingen ze ook in trossen. Bij het terugrijden moesten we precies door een sneeuwstorm.

Dus geen thrombolieten, maar plan B. We reden naar Rockingham om Penguin Island te bezoeken!

Penguin Island is een kleine rotsformatie vlakbij de kust waar een hele kolonie kleine penguins leeft samen met een massa zeevogels. Vijf minuutjes varen met een ferry en je kunt er wat rondkuieren en ook naar een aantal geadopteerde (geredde) penguins gaan kijken. De echte (wilde) penguins zitten overdag natuurlijk veilig op zee. Wie zin heeft, kan ook een cruise boeken om naar dolfijnen en zeeleeuwen te kijken of kan ook gaan zwemmen met dolfijnen.

Wij namen gewoon de ferry en hadden geluk want er was nog plaats op de eerstvolgende boot die amper twintig minuten later vertrok. We kochten picknick en gingen de boot op. Ik werd niet ziek! Ik kan dat wel hoor, vijf minuten op zee.
Aangekomen op het eiland gingen we naar het voedermoment van de geadopteerde penguins kijken. Een beetje zielig, want er was te veel volk en te veel lawaai. De verzorgster vroeg een paar keer om het volume beperkt te houden want de beestjes waren bang, maar het haalde weinig uit. En het waren zeker niet alleen rumoerige kinderen... Uiteindelijk werd na een korte uitleg iedereen buiten gegooid.
We gingen dan picknicken en daarna wandelen.
Er loopt een wandeling over het ganse eiland, toch wel 2km of zo. Een stuk over planken en een ander deel over het strand. Het was heel mooi wandelen en heel bijzonder strand.
De struiken zat er bomvol meeuwen!! Ze waren ook aan het nesten of hadden kuikens met als gevolg dat ze nog agressiever waren dan anders. Ze krasten erop los en maakten herrie voor tien.
Vanuit de verte konden we ook nesten zien van pelikanen en ook pelikanenkuikens! Leuk om te zien. :-)
Het was een mooi eiland om op rond te kuieren, maar voor de penguins moet je niet naar penguin island gaan.

We vertrokken op tijd terug en reden dan door naar Perth. We wilden onze lieve vrienden van de motorhome immers nog zien! Oorspronkelijk alleen om dekens/lakens/handdoeken te wisselen, maar nu ook om een woordje te wisselen over de LPG tank.

Een half uur voor sluitingstijd waren we daar en niet tot mijn verbazing zat er nog wat volk verveeld te kijken in de wachtzaal. Dat werd vast overwerk.
Ik vroeg eerst of we ons bedlinnen konden wisselen en dat was geen probleem. We kregen een lege winkelkar, gooiden die vol zooi en kregen een winkelkar vol vers beddengoed terug.
"Er was nog iets," zei ik, zwaaiend met ons betalingsbewijs van de LPG. Ik had mijn uitleg nog maar amper gedaan (was eigenlijk nog niet eens goed op dreef) of de dame pakte het betalingsbewijs al over, schreef mijn naam erop en zei dat ze het wel gingen terugbetalen. Ik bedoel... ze was nog niet eens verbaasd!!
Wij vertrokken dus maar naar onze volgende camping, amper 2 kilometer verder, en we waren amper de bedden aan het opdekken of Wouter kreeg al bericht dat het geld terug op de rekening was gestort.
Tja, mooi geregeld dan. Ik ga alsnog een klachtenmail sturen want ik moet mijn gram toch een keer kwijt??

Nu verblijven we dus hier aan de rand van Perth en het is nog maar de tweede camping waar veel volk aanwezig is en de eerste keer dat de kampkeuken gebruikt wordt... We zien natuurlijk wel andere kampeerders, maar tot nu toe nooit zo veel.
Een paar nachten terug hadden onze buren met een motorhome een KAT bij. Echt. Stond naast hun picknicktafel een soort kooitje. Ik dacht eerst dat het een reiswieg was of een reispark voor een baby, maar nee, er zat een langharige raskat in.

Morgen blijven we de hele dag in Perth. De motorhome krijgt een dagje rust, het zijn de beentjes die gaan werken. :-)


vrijdag 4 oktober 2019

van Busselton naar Madurah

En regen dat we die nacht gehad hebben. En wind. En nog meer regen. En de motorhome die heen en weer schudde. Echt hondenweer.
's Morgens was het nog niet voorbij en dan is het wel handig een motorhome te hebben en geen tent zodat je je ochtendroutine kunt doen zonder een voet buiten de deur te zetten. Het is wel krap met z'n vijven, maar het gaat allemaal. En als de nood hoog is, laten we een DVD spelen om de kinderen kalm te houden.

Busselton is een stadje aan de kust en ze zijn er heel trots op hun lange jetty. Niks marginaals denken, het is gewoon een heel erg lange steiger. Je kunt erover wandelen of je kunt een treintje nemen en wij hadden een trein met rondleiding geboekt om 11u.
Het oorspronkelijke plan was om voordien rond te hangen aan de kust, maar door de regen had niemand daar veel zin in.
Ik zei de kinderen nog wel dat het een bijzonder moment was - onze eerste stappen aan de westkust van het land! - maar alleen Benjamin toonde interesse. We besloten dan maar om gauw onze tickets af te halen en dan maar op zoek te gaan naar een warme chocomelk.
We stonden aan de balie en daar zeiden ze plots dat er nog plaats was op de rondleiding van 10u. Het treintje ging juist vertrekken - wilden we nog mee? Ja, tuurlijk, wat een geluk!!

Het treintje was droog en alles, helemaal perfect.
Het was een eenvoudig treintje getrokken door een wagentje over tramsporen, maar door de luidsprekers kwamen er stoomtreingeluiden. Voor de sfeer veronderstel ik, het was heel bizar.
We reden over de jetty, ruim een kilometer lang, en daar aan het eind was een observatorium. Een klein gebouw dat een natuurlijk aquarium was, met deze keer de mensen achter glas. De zee was er vrij ondiep, maar acht meter, en dan kon je trappen afdalen en op verschillende verdiepingen uit het raam kijken naar de visjes. De jetty werd er ondersteund door meerdere zuilen en die hingen vol koraal en andere zeediertjes. We kregen een korte uitleg van een gids en nadien mochten we zelf rondkuieren.
Er was best veel te zien! Vissen in alle soorten en maten, zeesterren, kwallen, krabben, octopussen… het was zeker de moeite.

We wandelden nog heel even over het laatste stukje van de jetty en nadien kropen we op tijd terug in de trein. Met mooi weer zou een wandeling over de hele jetty wel de moeite zijn, maar nu wilden we het niet riskeren. Het was intussen wel droog, maar nog steeds flink bewolkt en je wil niet na een halve kilometer midden in een hoosbui zitten met drie huilende kinderen.
De trein bracht ons helemaal terug en omdat het nog steeds droog was, besloten we nu toch wat aan de kust te wandelen. We vonden een leuke speeltuin en aten nog een burger met nadien een ijsje. Het weer was ontzettend wisselvallig - het ene moment scheen de zon, de volgende minuut stonden de sluizen open.

In de namiddag reden we naar onze camping - opnieuw eentje in een nationaal natuurpark. Onderweg hadden we nog steeds afwisseling tussen zonneschijn en hoosbuien. We reden meerdere kilometers over een vierbaansweg! Niet te geloven, er was een middenberm en alles. Verkeerslichten! Ik herinner me amper de laatste keer dat ik verkeerslichten zag. ;-)
We waren bijna ter plaatse toen de GPS ons een zandweg op stuurde. In principe mogen we niet rijden op zandwegen tenzij om een camping te bereiken. De verzekering heeft er alleszins niks mee te maken als er iets gebeurt, blabla. Nu had ik research gedaan en deze camping was geschikt voor campervans of motorhomes en was bereikbaar met 2WD. Mocht dus geen probleem zijn. Bovendien was het de enige en ook doodlopende weg naar de camping. Alles of niks dus.
De weg hobbelde verschrikkelijk en was redelijk modderig, maar het lukte allemaal… totdat we een bocht deden en daar een gigaaaaantische plas over de hele weg lag... sh*t...
Wouter ging nog even poolshoogte nemen, maar de plas leek redelijk diep en ongeschikt om met ons logge ding helemaal doorheen te rijden.
We hadden daar geen bereik met de telefoon en ik zag het nog gebeuren dat iemand (lees: Wouter) een kilometer of zo door de regen en modder moest rennen op zoek naar een belsignaal om vervolgens de wegenwacht te laten opdraven om ons uit de modder te slepen. En ik zag het niet gebeuren dat ze er binnen het uur zouden zijn. Bovendien zou dit een verschrikkelijke discussie over takelkosten genereren waarbij een lege gasfles triviaal zou blijken.

Toch maar niet riskeren dus.
Geen rechtsomkeer want dat ging niet, gewoon achteruit heel die zandweg terug af.

Op zoek naar een alternatief schakelden we dan de hulp van de GPS in. Die had na zijn 100-kilometer-fout van een paar dagen geleden nog iets goed te maken en hij vond inderdaad een camping amper 27km verder en had er zelfs een telefoonnummer van. Wouter belde. Er was nog plaats en de dame van de receptie zou op ons wachten. Ideaal.
Wij dus weer op pad en de GPS veranderde van gedacht en maakte er toch maar 44km van. En onderweg kwamen we nog twee andere campings tegen!! Dus nee, die 100-kilometer-fout is nog niet goedgemaakt.

Vannacht dus geen camping in een nationaal park, maar gewoon een standaard camping. Volgens de dame van de receptie een goede zaak want er zou een waarschuwing zijn voor harde windvlagen vannacht. We zullen zien, voorlopig is het hier al een hele tijd droog en rustig.
Nu is het nog een beetje onzeker wat we morgen gaan doen, maar we kunnen best improviseren. We zitten op een zucht van Perth, amper 100km, beschaving in overvloed.





donderdag 3 oktober 2019

van Manjimup naar Busselton

Wouter maakte 's morgens een heerlijk ontbijt met spek en eieren (altijd eerst de rookmelder in de motorhome demonteren of dat ding piept anders als een gek) en nadien gingen we weer op pad.
Aan dit kleine stukje westkust van Australia kun je vooral wijn gaan proeven of anders grotten gaan verkennen. Misschien kun je ook wijn degusteren in een grot - om eerlijk te zijn heb ik die mogelijkheid niet onderzocht.

Wijn drinken is niks voor ons, dus op goed geluk kozen we een grot die ongeveer op onze route lag en die ook te bezichtigen was met drie kleine apen. Het werd Lake Cave (kwestie van de namen eenvoudig te houden).
We waren er goed op tijd en hingen nog even rond in het informatiecentrum voor het tijd was voor de rondleiding. De grot was immers enkel te bezichtigen met een gids. Er was een winkeltje met souvenirs en ik kwam sterk in de verleiding om vijf hoeden met vliegennet te kopen, maar besloot het uiteindelijk niet te doen. We blijven optimistisch dat de vliegeninvasie eenmalig was.
Om de ingang van de grot te bereiken moesten we trappen doen. Trappen, trappen, trappen - we moesten 60 meter diep. De grot zelf was nog heel actief - wat betekende dat er veel gedrupt werd en dat iedereen nat werd van de regen die een jaar eerder gevallen was.
Er was een ondergronds meer dat natuurlijk voor een bijzondere sfeer zorgde.
De gids gaf een standaard uitleg over limestone en grotten en natuurlijk hadden ze een hoop rotsformaties namen gegeven zoals de Titanic, de draak of Jabba the Hutt. We hielden een korte bezinning in de stilte en het pikkedonker (godzijdank bleven de jongens inderdaad stil) en nadien deden we alle trappen weer naar boven.
Het was een mooie grot!!
Of het de mooiste was van de hele kuststreek, weet ik niet. Daarvoor moeten we eerst nog veel research doen.

Vervolgens reden we door naar onze camping in Busselton. Plots zaten we op een drukke baan! Brede, goed afgebakende rijstroken, af en toe een inhaalstrook voor traag verkeer EN om de tien kilometer een parkeerplaats MET asfalt!
Dat beloofde veel goeds en inderdaad - er is hier internet! We naderen Perth terug, je merkt het aan alles. :-)

De camping is wel rustig en lijkt maar op halve kracht te werken. Beetje raar, want het is toch schoolvakantie. Er is een kleine speeltuin, dus na vijf minuten hingen de kinderen al vol zand. Nu liggen ze (jaja, na een douche) in bed en zitten Wouter en ik buiten beschut in de kampkeuken want het regent. Voor morgen is er ook slecht weer voorspeld, jammer maar helaas. Ach, het geluid van regen op het dak doet goed slapen, toch? Samen met de geur van spek en eieren die er nog hangt.


woensdag 2 oktober 2019

van Albany naar Manjimup

"Mama, is het vandaag 2 oktober?" vroeg Benjamin 's morgens.
Ik moest hem het antwoord schuldig blijven want ik had er geen flauw idee van. Ik wist dat het ochtend was, maar amper welke dag van de week we waren, laat staan dat ik een benul had van de juiste datum. Het is immers vakantie!

Het bleek inderdaad 2 oktober en op deze dag reden we van Albany naar Manjimup.
Eerste stop onderweg waren de Elephant Rocks in William Bay. Oorspronkelijk was dat maar een 'even de benen strekken' maar we bleven er een hele tijd. Er bleek immers een heel mooi strand te zijn daar in William Bay. Ik vond het zelf nogal koud om te zwemmen, maar er was best wat volk aan het duiken en snorkelen in het kristalheldere water.
Behalve zand waren er op het strand uit hele grote rotsblokken waarover je - voorzichtig - kon wandelen en dat vonden de kinderen natuurlijk heerlijk.
Niet zo lang geleden las ik dat jonge kinderen te veel betutteld worden en dat ze vaker 'gevaarlijk' moeten kunnen spelen. Zelfs kind en gezin stond achter deze mededeling! Dus bij deze heb ik mijn ouderlijke plicht weeral gedaan en al sloeg mijn moederhart doodsangsten uit, we hebben de mannen dus over alle rotsen laten klauteren. Ze vonden het zelf in ieder geval super om te doen en behalve drie paar natte sandalen was er geen schade.
Tussen de rotsen zaten dan vaak krabbetjes en het was natuurlijk al gauw een sport om zo veel mogelijk verschillende krabsoorten te ontdekken.

Na lang aandringen (en de belofte van een snoepje) kregen we de jongens terug in de motorhome en reden we verder. Volgende halte was een wandeling in Tingledale doorheen 'the valley of the giants'.
Het landschap was inderdaad veranderd van rood zand en dorre struiken, maar rood zand en lage bomen. Nog wat verder was het grijs zand en hoge bomen. Yup, er is hier best wat afwisseling.

Ook als zien we bijna geen kat onderweg, in Tingledale had zich dan toch weer een bende toeristen verzameld om langs de hoge bomen te gaan wandelen. Er waren twee korte wandelingen om te doen: eentje op de grond die gratis was en eentje tussen de boomtoppen die betalend was. We hebben ze allebei gedaan natuurlijk.
Het was een mooi park en de bomen waren indrukwekkend. Tot 70 meter hoog groeien ze! Vraag me niet hoe ze heten, dat ben ik alweer vergeten.
Ik herinner me wel dat dit stuk van Western Australia officieel een wildernis is en dat vond ik wel een cool idee.

Na een picknick was het dan alweer tijd om naar de volgende camping te rijden. We reden dus 'doorheen'  de wildernis en het was eigenlijk jammer dat we - behalve 1 lookout - niks konden bezichtigen. Reden is dat ze de wildernis een beetje wild proberen te houden en geen asfalt leggen, waardoor er bijna niks bereikbaar is met een logge motorhome. In dit gebied heb je echt een hippe 4x4 nodig.

Niettemin was het een mooie rit en nu verblijven we een nachtje in Manjimup. Het lijkt erg klein, maar er is officieel beschaving want … internet! :-D


dinsdag 1 oktober 2019

van Hopetoun naar Albany

Ook 's morgens waren de vliegen er vol enthousiasme en vertrokken we dus maar gauw.

Het werd een lange rit door de outback, maar we waren vastbesloten om toch ergens onze LPG te laten bijvullen. We reden opnieuw door Ravensthorpe en daar was de juiste winkel alvast open.
Helaas, ze konden alleen de fles wisselen, niet bijvullen en wij mochten de fles niet wisselen. Dat ding hoorde bij de motorhome.
Boodschappen doen en dan terug naar de muntjestelefoon. Ik belde terug naar de verhuurdienst van de motorhomes en opnieuw kreeg ik hun antwoordapparaat. Ik mocht een boodschap achterlaten en dat deed ik dus vol overtuiging en met een minimum aan tevredenheid.

We gingen weer op pad en het was redelijk saaie weg. Op de duur werd een mens al blij van wegenwerken omdat er dan wat afwisseling was in het landschap.
Heel sporadisch stond er een teken van 'tankstation' meestal met de mededeling 'eerstvolgende voorziening nog 75km verder'.
Er was niks te zien onderweg. Jawel, af en toe een parking. Om de dertig kilometer ongeveer was er een bordje met een P en dan had je een zandstrook met een vuilbak ernaast.

We hadden thuis research gedaan op zoek naar iets leuks om te doen onderweg naar Albany en niks gevonden. Geen erg, dachten we, we vinden ter plaatse wel iets. Maar nee, ter plaatse was er niks.
Als pauze hebben we frisbee gespeeld op zo'n mooie zandparking.

De outback. Het heeft wel iets, maar eigenlijk is er niets.

Na bijna 300km rijden kwamen we plots in de beschaving terecht. We vonden ineens een supermarkt met rijdende karretjes en blinkende tegels en toen ik - puur uit gewoonte - op mijn telefoon keek, bleek dat we verbinding hadden met de buitenwereld!!
Eigenlijk is een smartphone niks meer waard zonder netwerk of internet. Het is dan gewoon een onhandig horloge.

Nu zitten we hier in een heel toeristische camping, echt zo'n vakantiepark. We arriveerden hier en de kinderen waren dolenthousiast "eindelijk een echte camping!!". Dat zegt ook al genoeg. Ze zijn de bossen al helemaal beu.
Geen vliegen, muggen lijken ook mee te vallen. Er zaten een stuk of tien meeuwen te azen op ons avondeten, maar daar blijft het voorlopig bij.

Ze konden hier onze gasfles bijvullen!! Dus we kunnen terug koken, wat een luxe.
Ik heb nog een paar keer gebeld, maar kreeg steeds antwoordapparaat. Ik heb dan het hoofdkantoor gebeld en daar zeiden ze de noodlijn te bellen. Daar begonnen ze een hele uitleg hoe we de gasfles  moesten gebruiken, maar Wouter kon hen er toch van overtuigen dat ze wel degelijk leeg was... Betalingsbewijs bijhouden dat hij gevuld is en dan betalen ze ons dat terug. Is er gezegd.
We zullen zien… Zaterdag en zondag zijn we terug in Perth dus gaan we zaterdag onze vrienden daar eens een bezoekje brengen. Nieuw beddengoed halen en eens flink ons beklag gaan doen. Ik kijk er naar uit, haha!

We zitten nu opnieuw vlakbij de zee en het is helemaal vliegenvrij, kijk eens aan.
Het was nu wel te koud om te zwemmen vandaag, maar er kan altijd naar schelpen gezocht worden of met een frisbee gegooid worden. Deze camping heeft een speeltuin en een springkussen dus de kinderen hebben een fijne namiddag gehad.

Morgen langs Denmark (jaja) en dan terug het binnenland in. Verwacht geen reactie op mails/whatsappen/berichten… We are out of civilization.



van Newdegate naar Hopetoun

Echter, de volgende ochtend verscheen er nog steeds niemand bij receptie. We hadden ook nog steeds geen ontvangst want er was die nacht niet op miraculeuze wijze een nieuw netwerk uitgerold, dus we konden niemand bellen.
We vroegen even raad aan een ander stel kampeerders en die wisten te zeggen dat de eigenaars 'niet in de buurt waren' en dat zij gewoon geld in de bus gingen steken en verder was het van no worries.

De kinderen renden rond en vonden tot hun vreugde hun bal terug die dus 's nachts van het dak was gewaaid.
Toch een probleem opgelost.

We trokken weer op pad en bij het eerstvolgende dorp zouden we graag inkopen doen. Een probleem: de supermarkt was dicht. Volgens de locals was het een feestdag, namelijk de Queen's Birthday.
Urgh!!! Het is natuurlijk logisch dat bij ons in South Australia deze feestdag op 7 oktober valt en dat ze hem in Western Australia een week vroeger vieren!! En volgens mij verjaart de Queen in werkelijkheid in april of zo.

We vonden gelukkig nog een klein winkeltje voor wat nodige dingen.
Het was een lange rit van Newdegate naar Hopetoun en onderweg bezochten we nog een (piepklein) openluchtmuseum over tractors en we hielden ook een lange pauze in Ravensthorpe. Daar was een speeltuin en vonden we ook een geschikte plek om te lunchen.
Netwerk (laat staan internet) was er nergens. Betaaltelefoons waren er wel overal. Je kon er niet met een kaart betalen, dus het werd gewoon muntgeld. Ik kan me amper herinneren wanneer ik voor het laatst met muntjes iemand moest opbellen. Voor de prijs van een halve dollar kon ik horen hoe er in Perth niet gewerkt werd en ik dus niet van mijn oren kon maken. De volgende dag hopelijk beter.
Op meerdere plaatsen vroegen we waar we onze LPG fles konden bijvullen. Vaak hadden mensen wel een idee, maar de winkels waren overal dicht. Dan niet.

Uiteindelijk reden we door naar onze camping. Opnieuw eentje in een nationaal park, maar wel gereserveerd deze keer. En maar goed ook, want tegen de avond stond er ook alles vol.
We verbleven in Fitzgerald River National Park. Unieke fauna en flora naar het schijnt, prachtige uitzichten…. en vliegen, vliegen, vliegen. Je kon gewoon geen voet buiten de deur zetten!!

We verbleven op 200meter van een prachtig zandstrand, maar ondanks de wind zat het daar ook stikvol vliegen. De kinderen trokken zich er weinig van aan en plonsden met veel overtuiging in de oceaan. Verder was er weinig volk en alle toeristen liepen er rond met wapperende handen. De beesten waren echt rotirritant!!
Het was binnenin de motorhome douchen en omkleden en eten en dan is het natuurlijk krap zo met z'n vijven. Maar het was dat of levend opgevreten worden door vliegen.
Buiten bij de toiletten zaten meerdere kikkers. Ik vroeg me af of ze niks beters te doen hadden in plaats van daar zo stil te zitten.

Het zal allicht beter zijn op andere momenten van het jaar, maar eind september: niet het beste moment om Fitzgerald te bezoeken.



van Dryandra naar Newdegate

Iedereen stond nog op Adelaidetijd en dus waren we vroeg wakker. We probeerden het volume van de kinderen binnen de perken te houden tot 7u om de andere gasten niet te veel te storen, maar het was een uitdaging.

Na een ontbijtje trokken we op pad: verder de outback van Western Australia in.
Er was een natuurpark dat ik graag wilde zien, namelijk een park in Hyden waar ze een beroemde Wave Rock hebben. Een grote rots in de vorm van een - inderdaad - golf.

Het was een saaie weg om te rijden en er was onderweg ook helemaal geen barst te zien. Dezelfde vegetatie kilometer na kilometer en slechts sporadisch iemand anders op de baan.
Aangekomen in Hyden gingen we dan eerst langs een lokale bakker en vervolgens maar eens naar het natuurpark. Daar bleek het plots STIKDRUK te zijn. Aan de muziek te horen was er een of ander lokaal festivalletje aan de gang en ik kreeg bijna een hartverzakking omdat ik geen idee had waar ik onze motorhome nu kon parkeren.
Uiteindelijk bleken alle festivalgangers gewoon illegaal langs de kant van de weg te staan en op de parking van het park (betalend) was nog plek zat.

We aten binnenin de motorhome omdat er buiten te veel vliegen zaten (dat vonden we toen, een dag later zouden we onze mening herzien) en nadien gingen we maar eens wandelen. Eerst deden we een grot die eruitzag als de bek van een nijlpaard en een kilometertje verder was dan de beruchte wave rock.
Het viel me toch iets of wat tegen en ik vond het minder spectaculair dan verwacht. Het wandelen bovenop de rots was wel leuk! Onder begeleiding van diepe basnoten konden we boven rustig rondkuieren.
Het was een hete dag, dus de tweede wandeling die er was, hebben we maar niet gedaan. Te heet.

Onze volgende camping was er eentje in Newdegate. Volgens google maps amper 90km rijden, maar de GPS van de motorhome had een beter idee en maakte er 186km van. Wablieft? In een poging om ons gelijk te halen, haalden we onze eigen GPS boven, maar die wist ons ook geen alternatief te bieden. Het zou wel degelijk nog 186km rijden zijn.
Google maps opnieuw raadplegen was geen optie (geen internet) dus zat er niks anders op dan de hele 186km te rijden. En maar rijden. En maar rijden.
Twee uur later zijn we dan in Newdegate, staat daar een wegwijzer die de andere kant op wijst, "Wave Rock 79km". G@dv#r$o*!% !!!!

Maar we waren nog niet klaar met vloeken…
De camping waar we gereserveerd hadden, was klein en bescheiden. De receptie was dicht en er stond een bord buiten "kies maar een plaatsje en bel ons als je iets nodig hebt". Handig. Buiten dan het feit dat we geen netwerkverbinding hadden en niemand konden bellen.
We kozen een plaatsje en terwijl ik met de kinderen de douches ging bekijken, ging Wouter koken. Zou Wouter koken - want vijf minuten later stond hij op de deur te bonzen. "Moet je nu wat weten… de gasfles is leeg!"

Dat is dus DRIE UUR wachten op een motorhome... waarvan de huisbatterij niet volledig opgeladen is... die amper vers water in de tank heeft… en waarvan de LPG fles leeg is!!
Maar jong, we mogen blij zijn dat er getankt was!
Die gaan daar een klachtenmail van mij krijgen… In mijn hoofd ben ik 'm al aan het schrijven… Ik weet alleen nog niet 100% zeker of ik voor de rechttoe rechtaan aanpak zal gaan of complimenten ga strooien in een saus van sarcasme. Dat is iets om over na te denken de komende dagen.

Geen gas, geen warm eten. Gelukkig eten de kinderen graag boterhammetjes.
Daarna hadden ze energie genoeg en speelden ze het klaar om hun opblaasbare bal bovenop het dak van de motorhome te schoppen. Welja.

Bij de receptie stond een bord dat ze LPG verkochten, dus we hoopten dat probleem toch de volgende ochtend te kunnen oplossen….


van Perth naar Dryandra

Zaterdagochtend was het zo ver: vakantie!!!
Tja en dan moeten we een stukje van het land gaan verkennen dus was het zaterdagochtend op tijd uit bed en meteen richting luchthaven! Volgens onze planning zouden we er mooi op tijd zijn en ter plaatse nog een ontbijtje scoren. Inchecken hadden we thuis online al gedaan en het verkeer zou rustig zijn - dus wat kon er tegenvallen??
Wel, een niet draaiende bagagecarrousel…

We moesten enkel nog de stickers ter plaatse afprinten voor de koffers en vervolgens de koffers op de band gooien, maar dat bleek zo snel dus niet te lukken. De band was om de haverklap overbelast en dan begonnen de automatische scanners te flippen en kon er dus geen koffer meer bij. De rij bij de drop off werd lang, heel lang. De dames van Virgin liepen druk heen en weer om met hun badges de scanners terug aan de praat te krijgen en waarschijnlijk verlangden ze al stiekem naar die goeie ouwe tijd waarin ze alles gewoon handmatig deden.
Gelukkig stonden we nog redelijk vooraan in de rij want het duurde allemaal nogal lang. Eer we doorheen de controle van de handbagage waren, was er al geen tijd meer voor een ontbijtje. Gelukkig hadden we een noodrantsoen boterhammetjes meegenomen! Vermoeide kinderen is een ding. Vermoeide en hongerige kinderen is vragen om problemen.

Verder ging de vlucht naar Perth vlotjes. Perth schijnt de meest afgelegen stad ter wereld te zijn. Adelaide is de eerstvolgende grote stad en daar ben je dus pas na drie uur vliegen. Onderweg reis je nog anderhalf uur in de tijd. Naar het schijnt is de weg tussen Adelaide en Perth doodsaai en voorlopig hebben we geen ambitie om dit ter plaatse te gaan vaststellen, dus we zullen dit maar gewoon geloven.
Onze koffers bleken er ook geraakt, we kochten nieuwe boterhammen en namen dan de taxi naar onze motorhome.

Aangekomen ter plaatse bleek de wachtzaal vol zuchtende mensen te zitten, dus dat beloofde al niet veel goeds. De dames waren hard aan het werk, maar er was gewoon te veel volk dat op te korte tijd met hun caravan/campervan/motorhome wilde vertrekken.
Gebrekkige organisatie met als gevolg: drie uur wachttijd. Drie uur!!!
Dat breekt weer alle records en mijn humeur had eronder te lijden.

Wat er zoal de moeite was om te horen binnen deze drie uur:
"Jullie eerste camping is best eentje met elektriciteit want de huisbatterij is niet volledig opgeladen."
Nou, bedankt dan. Onze eerste camping is er eentje ZONDER elektriciteit!
"Oh... euh… nou dat zal wel lukken. Zet dan maar gewoon de ijskast op stand 1."
En ook: "Er zit in jullie pakket een aantal data WIFI maar daar gaan jullie eigenlijk niks aan hebben want buiten Perth is er nergens internet."
Zucht!! En zoals we gauw zouden ondervinden is er zelfs amper gewoon telefoonnetwerk….

Toen we dan eindelijk konden beschikken was het gauw boodschappen inladen en dan op pad naar onze eerste bestemming: een natuurcamping in Dryandra.
We hadden van te voren al flink gevloekt op het gebrek aan informatie op de website van de nationale parken van Western Australia. Er was amper iets te vinden over wandelingen of bezienswaardigheden. Er waren wel campings, maar niet erg veel, en de overgrote meerderheid was dan nog enkel te bereiken met 4WD. Nu was ik blij dat ik nog deze camping in de bossen van Dryanda gevonden had. Er kon niet gereserveerd worden, maar dat was volgens de website niet nodig. "Er is altijd plaats" stond er. Mooi dan.

Er is altijd plaats behalve als alles vol staat. Er waren twee campings vlak bij elkaar in de bossen en ook al heet het 'vrij kamperen' alle kampeerplaatsen waren duidelijk afgebakend en daarbuiten mocht je niet staan. En zoveel plaatsen waren er helemaaaaaal niet! Na paniekerig alle lussen afrijden vonden we nog een plaatsje. Nog EEN!
Mijn stresslevels stonden te hoog, ik was niet voorzichtig met manoeuvreren en toen zat ik nog tegen een paaltje ook. We hebben een volledig dekkende verzekering dus de deuk in de bumper is niet zo erg - maar de deuk in mijn reputatie is wel een probleem.

Wouter ging eens horen hoe het zat met de betaling en de locals zeiden dat het zo'n vaart allemaal niet liep. Als er een ranger langskomt, betaal je de ranger. No worries.
En het bleek ook effectief zo op het informatiebord te staan. Als de ranger langskomt, betaal je de ranger. Komt die niet, stuur ons een brief met de gegevens van je kredietkaart.
Ja prachtig systeem, helemaal ideaal. De overheid krijgt geen brieven en zal dus wel veronderstellen dat er niemand op die camping verblijft!!!

Met onze motorhome ging het intussen perfect. We hadden amper vers water! Ik dacht dat het misschien kwam doordat we een beetje scheef stonden, maar ook na verplaatsing bleef er meer lucht dan water uit de kraan sputteren.
Fraai is dat! Drie uur wachten en dan nog een motorhome zonder vers water krijgen!!!

Gelukkig was de locatie zelf dan toch de moeite met een avondbezoekje van enkele kangoeroes en 's nachts een pracht van een sterrenhemel.
Een beetje een sputterende start, maar we waren toch maar mooi op vakantie!!!